Wat is macula degeneratie?
Het netvlies (de retina) bevat de lichtgevoelige cellen van het oog en bekleedt de binnenzijde van de achterkant van het oog (zie Figuur 1). Maculadegeneratie is een aandoening van het centrale gedeelte van het netvlies, de gele vlek (macula lutea). De gele vlek is het middelpunt van het netvlies en heeft een doorsnede van ongeveer drie millimeter.In de macula bevindt zich het grootste aantal van het type lichtgevoelige cellen dat contrast en kleuren kan waarnemen: de kegeltjes. Dankzij de macula is het centrale, scherpe zien mogelijk. Het scherp zien is nodig bij onder meer lezen, tv kijken, autorijden, borduren en in het donker kijken.
Het overige deel van het netvlies zorgt voor het perifere zien (d.w.z. het zicht om het centrale zien heen). Het beslaat een veel groter gebied van het gezichtsveld dan het centrale zien. Het perifere zien mist echter de scherpte van het centrale zien, maar is noodzakelijk om nergens tegenaan te lopen.
Macula degeneratie ontstaat wanneer de kegeltjes in de macula afsterven. Dit veroorzaakt een achteruitgang of verlies van het gezichtsvermogen in het centrale, scherpe zien (zie Figuur 2). Hierdoor is het oog minder goed tot slecht in staat details en kleuren waar te nemen. Het perifere zien blijft in de meeste gevallen gespaard, zodat men in staat blijft om zijn weg in huis en daar buiten min of meer zelfstandig te vinden, ook al mist men dan scherpte. De aandoening treedt meestal op bij het ouder wordende oog. Vaak wordt macula degeneratie ‘slijtage’ van het netvlies genoemd.
In de westerse wereld, dus ook in Nederland, is leeftijdsgebonden macula degeneratie (LMD) de belangrijkste oorzaak van een blijvende achteruitgang van het gezichtsvermogen bij mensen boven de 65 jaar. Men schat (anno 2009) dat in Nederland 100.000 mensen boven de 55 jaar LMD hebben.
Er zijn twee vormen van leeftijdsgebonden macula degeneratie:
Droge macula degeneratie (‘droge’ LMD)
Deze vorm van macula degeneratie begint als kleine bleekgele afzettingen, ’drusen’ genoemd, die zich ophopen in de macula (zie Figuur 3). Het optreden van deze drusen gaat samen met vermindering van het aantal kegeltjes in de macula, waardoor het zien zal verslechteren. Dit is een sluipend en zéér langzaam verlopend proces, waarbij het vele jaren kan duren, voordat het zien achteruit gaat. Gewoonlijk zijn beide ogen min of meer gelijktijdig aangedaan. Het is bij de droge LMD belangrijk dat in de gaten wordt gehouden of er vertekening gaat optreden in de beelden van de omgeving zoals bijvoorbeeld een bocht in een raamkozijn of regel van een schrift. Dit kan wijzen op het ontstaan van de ernstiger vorm van LMD, namelijk de 'natte' vorm.
Natte macula degeneratie (‘natte’ LMD).
Bij natte LMD verloopt het proces van slechter gaan zien veel sneller dan bij de droge LMD. De natte LMD ontstaat als er zeer kleine nieuwe bloedvaatjes achter de macula gaan groeien. Omdat de wanden van deze bloedvaatjes aangetast zijn, lekt er bloedplasma wat aanleiding geeft tot een snelle en ernstige achteruitgang van het gezichtsvermogen (zie Figuur 4). Uiteindelijk ontstaat een litteken in de macula met verlies van het centrale zien. Natte LMD treedt vrijwel alleen op bij mensen die al droge LMD hebben. Het andere oog kan nog lange tijd redelijk goed blijven. Toch moet erop worden gerekend, dat vroeg of laat beide ogen kunnen worden getroffen.
Volgende

Figuur 1. Anatomie van het oog met de localisatie van de retina en de macula.

Figuur 2. Het zicht van een patiënt met LMD. Het kleurenzien is slecht en in het centrum bevindt zich een grote wazige vlek.

Figuur 3. ‘Droge’ maculadegeneratie. De fijne wit-gele vlekjes zijn drusen.

Figuur 4. Een bloeding bij ‘natte’ maculadegeneratie.

